wending aan de geschreven geschiedenis geven.

Soms kan een voegwoord als "maar" een hele andere

Een interview met Gonne en Theo Doorman - Van den Wall Bake

Copyright © All rights reserved de Indische Verhalentafel

Gonne Doorman-Van den Wall Bake


Het is 7 april 2022 en Guus, Elly en ik zijn te gast bij Theo Doorman en zijn lieve vrouw Gonne Doorman (geb.) Van den Wall Bake in Chaam.

Theo Doorman is de enige zoon van Karel Doorman, schout-bij-nacht, die nog in leven is.

Gonne Doorman–Van den Wall Bake is één van vier dochters van de bekende xxxxxxxx 

Elly kennen wij als een zeer gewaardeerde vrijwilligster bij Stichting Arjati en het Indisch Museum in Breda, de stichting die sinds januari van 2022 onze verhalentafel heeft geadopteerd. Het was ook door Elly dat deze ontmoeting tot stand kwam waarvoor wij haar heel erkentelijk zijn.

Wat moet je je nu voorstellen van zo'n ontmoeting, want live-interviews hadden wij nog nooit afgenomen. Ik had dan ook mijn opname apparaatje meegenomen zodat ik belangrijke details niet zou vergeten.

In de imposante en geheel verbouwde boerderij, die vroeger nog als pension dienst had gedaan, werden wij ontvangen. We waanden ons in vroegere tijden. Er is  een grote schat aan fotomateriaal tentoongesteld in de zitkamer, waar de Indische sfeer duidelijk te proeven is.

We werden hartelijk ontvangen met thee en gebak, eerlijk gezegd had ik al een grapje daarover gemaakt tegen Guus in de auto. Hij vroeg mij namelijk “Tilly dit is je eerste live-interview, wat gaat jouw eerste vraag zijn vanmiddag?” waarop ik met een glimlach antwoordde “is er gebak bij de koffie?” ;-). Dit is nu eenmaal het soort humor waar ik af en toe last van heb. Ik ben eigenlijk heel erg verlegen van aard, al zou je dat niet zeggen als je mij ontmoet.

Tijdens de thee werd er ons al verteld dat het eigenlijke interview boven in de spreekkamer gehouden zou worden dus het intermezzo in de zitkamer voelde gelijk als een warm en gezellig samenzijn. Guus, Elly en ik stelden ons voor en vertelden heel beknopt onze Indische achtergrond waardoor er gelijk een band onstond, met name met Charley de hoogbejaarde Engelse Bassethound mix, die zich ondertussen tegen mij aan had gevleid en het heerlijk vond om gestreeld te worden.

Tijdens de introductie van onze Indische Verhalentafel, waar wij natuurlijk een mooi origineel verhaal willen plaatsen over deze twee bijzondere mensen, kwamen onze inspiratie bronnen ter sprake. Met name het mooie boek van Simone Berger “Istori Kita”.

Mevrouw Gonne, die in voormalig Nederlands-Indië is geboren in een stad waarvan de naam zo anders klinkt voor de Nederlander dat ze er bijna een bon voor kreeg in Laren en wel voor het beledigen van een politieagent.

Mevrouw Gonne is namelijk geboren in Tasik Malaya op het eiland Java en toen ze eens in Laren staande werd gehouden door een politieagent die vroeg waar ze geboren was. Ze antwoordde Tasik Malaya en aangezien de agent dacht dat ze gewoon een verzonnen brabbel naam opgaf wilde hij haar op de bon slingeren voor het beledigen van het gezag. Het was door tussenkomst van een derde, een bekende van Gonne, die de uitleg tegenover de agent deed dat de bon uiteindelijk niet werd uitgeschreven.

Mevrouw Gonne is geboren iop 16 augustus 1939. De eerste jaren van haar leven groeide ze op in het soort weelde waar veel kinderen van Nederlanders, de zogenaamde Totoks, in opgroeiden. Haar vader werkte voor de Bataafse Petroleum Maatschappij en moeder was een typische welgestelde koloniale vrouw. Ze woonden in een groot huis met veel personeel en bedreven een groot aantal hobby’s. Het gezin dat in de Indië tijd uit vader, moeder en drie dochters bestond had het goed (een vierde dochter zou na de terugkomst in Nederland geboren worden). Vader werd regelmatig overgeplaatst en dan verhuisden allen mee naar weer een ander mooi huis. Vaak hoor je verhalen dat als er verhuisd werd de hele inboedel van het oude huis in venduhuizen verkocht. Mevrouw Gonne heeft hier helaas geen herinneringen meer aan, ze was te klein om hier actieve herinneringen aan te hebben. Ze was ook er jong ten tijde van Japanse bezetting. In het voorjaar van 1942 werd Gonne samen met haar moeder en zussen Hermance en Aggy geïnterneerd in Tjideng. Tjideng is het kamp dat onder leiding stond van de gewelddadige commandant Kenichi Sonei die aan maanziekte leed.

Zoals te lezen is in een krantenartikel van 14.08.2020, dat twee dagen voor Gonne’s 81ste verjaardag verschijnt en geschreven is door Ralph van Wolffelaar voor de Stem,  brengt  Gonne haar hele vroege jeugd door in het interneringskamp in Batavia. Tijdens de beangstigende Bersiap tijd keert de familie eind 1945 terug naar Nederland.

Ik haal het boek van Simone Berger nog even aan dat genaamd is “de lange reis van de Poesaka”.

Mevrouw Gonne vraagt ons wat een “poesak” eigenlijk is en wij kijken rond in het rijk met herinneringen gevulde interieur en zeggen unaniem “alles wat u hier heeft staan, van de foto’s tot de mooie miniatuurtjes in de glazenkast uit Indië zijn poesaka ’s”. Een poesaka of pusaka betekent eigenlijk een voorwerp dat al generaties in de familie is, een erfstuk dus.

De poesaka van Guus, bijvoorbeeld,  is een porseleinen beeldje, een voorstelling van een Chinese dame op een voetje van tropisch hout. Het stond altijd bij zijn grootouders thuis in Indië en heeft hij dit geërfd toen zijn moeder in 2013 overleed. Ikzelf heb ook poesaka's waarbij eentje een van mijn in Auschwitz vermoorde tante Mientje, een gehamerde metalen broche is.

Elly is in Bergen op Zoom geboren maar woont al vele jaren in Breda, haar verhaal is ook bijzonder en een beknopte versie staat op onze website de Indische Verhalentafel. De versie moet nog aangevuld worden maar dat is het mooie van een levende website die je steeds kan aanvullen en verbeteren. Het bijzondere is dat Elly een nazaat is van de Belanda Hitam of wel de Zwarte Nederlander.

Gezelligheid kent geen tijd maar nu was het hoogste tijd om ons interview af te nemen en ging het hele gezelschap naar boven. In het trappenhuis hing een prachtig oud portret van een voorouder van Meneer Theo en andere mooie schilderijen. We gingen naar een grote kamer die deels als slaapkamer is ingericht maar grotendeels fungeert als spreekkamer waar de ode aan de marine, de ode aan de grote held Karel Doorman zeer aanwezig is.

Ik vroeg uiteraard toestemming om het gesprek op te nemen en er werd gevraagd hoe we dit wilde beginnen. Op tafel lagen een aantal handgemaakte boeken die mij erg deden denken aan de geborduurde boeken van Odet Cohen, die met een mooi en aangrijpend verhaal ook op onze website staat. Ik besloot om eerst over deze boeken te vragen. Mevr. Gonne, die ik nu zonder aan het respect af te doen Gonne ga noemen, liet mij een aantal boeken zien. Het waren boeken die in het kamp gemaakt waren door haar moeder.

Het eerste boek was een kookboek dat door het hele kamp werd uitgeleend. Gonne’s moeder hield er een lijstje van bij, wie het boek had geleend en naar wie het boek nog moest gaan. Het is een kookboek vol mooie kleurrijke plaatjes en voor Gonne was het dan ook niets anders dan een prachtig boek met kleurencomposities en ze had  er in die tijd ook geen idee van dat het een kookboek was. Aangezien het háár boek was, was ze er ook helemaal niet blij mee wanneer haar moeder het weer aan een andere vrouw voor onbepaalde tijd uitleende.

Het tweede boek wat Gonne mij liet zien was een boek gemaakt door haar moeder en een aantal andere vrouwen in het kamp. Het is deels geborduurd deels ingelegd met riet en bamboe, met de naam “100 hapjes voor bij de thee”. De recepten zijn met een typmachine getypt dus we kunnen er hierdoor van uitgaan dat de vrouwen of op een kantoor de machine mochten gebruiken, wat niet waarschijnlijk is, of er in één van de huizen in het kamp, want Tjideng was een woonwijk, er nog een typmachine beschikbaar was.

Dit prachtig geïllustreerde boek, dat Gonne kreeg toen ze zes jaar oud was, beschrijft allerlei hapjes die bij de thee geserveerd kunnen worden. In het handschrift van haar moeder staan er hier en daar Franse teksten bij. Waarom het in het Frans is weet Gonne niet want haar moeder is niet van Franse afkomst maar ze bevestigt wel dat dit het handschrift van haar moeder is.

Over het boek zelf zegt ze hierover “Bizar hè dat je in een interneringskamp gaat bedenken wat je allemaal bij de thee kunt aanbieden”. Mij klonk dat eigenlijk helemaal niet zo bizar want nu ga ik even terug naar de weinige dingen die mijn eigen vader vertelde over de tijd dat hij geïnterneerd was in Bergen-Belsen tijdens de oorlog en om enigszins, ten minste in zijn hoofd, te kunnen ontvluchten hij hele aria’s en concerten zong. Wellicht heeft de moeder van Gonne om aan de verschrikkingen van het schrikbewind van Sonei te kunnen ontvluchten en de dagen te kunnen inrichten, 100 hapjes voor bij de thee bedacht en opgeschreven want de recepten werden er uiteraard niet gemaakt. Er heerste namelijk  alom honger en uitputting in het kamp.

Het tweede boek is een kleurboekje dat Gonne kreeg voor haar verjaardag waarin ze rustig kon zitten kleuren om invulling aan de dag te geven. Ze vertelde mij ook dat ze zich herinnert uren op appél te moeten staan en dat ze dan, omdat ze nog zo klein was, op de hakken van haar moeder ging zitten. De andere vrouwen waren hier niet blij mee want als een soldaat dit zou hebben opgemerkt dan zouden er flinke klappen zijn gevallen voor iedereen. 

Ook laat Gonne mij een ingelijst Japans doodvonnis zien, dat de kampcommandant kreeg op, vermoedelijk, 27 augustus 1945, om de geinterneerden om te brengen. Deze brief was niet uniek voor Tjideng maar werd blijkbaar over alle kampen verspreid. Er staat op dit doodvonnis dat het aan de kampcommandant wordt overgelaten hoe ze de gevangenen mogen ombrengen: doodschieten, levend begraven of onthoofden. We kunnen hieruit concluderen dat Gonne, haar moeder haar  zusters en alle andere nog in leven zijnde lotgenoten door de atoombom zijn gered.

  ≈≈≈≈≈≈≈≈≈≈≈≈≈

Tasik Malaya

Bron: Dreamstime.com

Advertentie in het Soerabaijasch handelsblad van 15.07.1907

bron. Delpher

HIER FOTO VAN GONNE MET ZUSTERS

Het kookboekje dat Gonne kreeg van haar moeder

Handgeschreven recepten van de moeder van Gonne

Het in Tjideng met de handgemaakte boekje 100 hapjes bij de thee

Handgemaakt kleurboekje waar Gonne uren mee zoet was in het kamp Tjideng

Japans doodvonnis wat in de kampen werd verdeeld

schout-bij-nacht Karel Doorman

bron foto NIMH

Hr M.S Piet Hein

bron: pinterest

Hr M.S Piet Hein

bron: wikimedia

Theo Doorman


De slag om de Javazee (27 februari 1942) is één van de meest beschreven gebeurtenissen van de tweede wereldoorlog in Nederlands-Indië. Hierbij verwierf de Nederlands schout-bij-nacht Karel Doorman grote bekendheid en de heldenstatus. De Koninklijke Marine vernoemde maar liefst vier keer een schip naar deze schout-bij-nacht en werd Karel Doorman postuum onderscheiden met de Militaire Willemsorde.

Als we de kamer op de eerste etage van de woning in Chaam betreden voel je deze geschiedenis aanwezig. De grote Karel Doorman die zijn leven liet in de slag om de Javazee maar....... Ja dat woordje "maar",  het is een klein woordje wat echter een andere wending aan de geschiedenis kunnen geven.

Voor Theo, die al zo veel malen geïnterviewd is, lezingen heeft gegeven, een boek heeft gepubliceerd is schout-bij-nacht Karel Doorman, gewoon altijd zijn vader gebleven. Als jongste zoon overleeft hij met moeder Isa een verschrikkelijke aanval van de Japanners waarover later meer.

Hier toch even een klein overzicht van de feiten:

De Nederlandse schout-bij-nacht Karel Doorman krijgt de leiding over een geallieerde vloot bestaande uit  Amerikaanse, Britse, Australische en Nederlandse oorlogsschepen.

Aangezien ze afzonderlijk te zwak waren om op te treden tegen de naderende Japanse vloot wordt de American-British-Dutch-Australian command (ABDACOM) in het leven geroepen en Karel Doorman krijgt hier op 3 februari 1942 dus leiding over. De slag in de straat Bandoeng volgt en daarbij vallen Palembang en Singapore. De Japanners dreigen nu de oliehavens op Sumatra in te nemen en vallen op 18 februari Bali aan.

Bali is heel belangrijk omdat de Japanners via de vliegvelden op het eiland de geallieerde marinebasis op Soerabaja kunnen bereiken. Bij deze slag weten de Japanners met een torpedoaanval het Hr m.s Piet Heijn tot zinken te brengen en de Hr.m.s Tromp zwaar te beschadigen zodat deze zich moet terugtrekken. Uiteindelijk valt Bali en de Japanse vloot zet koers op weg naar Java.

Aangezien de Nederlandse schout-bij-nacht Karel Doorman de leiding over de geallieerde vloot heeft geeft, viceadmiraal Helfrich hem de opdracht de Japanse vloot aan te vallen en tegen te houden. Doorman weet dat hij weinig kans van slagen heeft en is terughoudend, maar krijgt in de avond van 26 februari 1942 een bericht van Helfrich om zich aan zijn plicht te herinneren: “Gij moet de aanvallen voortzetten tot de vijand vernietigd is.”

Er is altijd gedacht dat schout-bij-nacht Karel Doorman de vader van Theo, bij wie wij nu aan tafel zitten, met een opgeheven hoofd en vol overgave geantwoord zou hebben “nou dan ga ik!” Wij weten inmiddels van Theo dat zijn vader deze aanval absoluut niet als een te winnen strijd zag en zou gezegd hebben na het ontvangen van het nogal giftige bericht van de viceadmiraal “nou dan ga ik maar”.

Het laat in het woordje “maar” zien dat hij van tevoren wist dat dit een verloren actie was. Wat hij niet kon vooorzien was, dat er in deze zeeslag ruim 1000 man aan de geallieerde zijde zouden sneuvelen, waaronder ongeveer 900 Nederlanders waaronder hijzelf. De Japanners verloren slechts ongeveer 10 man.

De dan 6-jarige Theo vlucht met zijn moeder Isa aangezien de japanners het ook op hen hadden gemunt. Het was namelijk naar boven gekomen, dat de Japanners een plattegrond van de woning van de familie Doorman hadden waar hun huis stond aangekruist. Met de Catalina, een vliegboot, bereiken ze de kust van Australië. Op het moment dat iedereen zich veilig waant worden ze aangevallen door Japanse gevechtsvliegtuigen, een moment dat Theo zich als de dag van vandaag nog herinnert. 

Uiteindelijk komen zowel de familie Van den Wall Bake, de familie van Gonne evenals Isa Doorman met de kleine Theo terug naar Nederland waar Gonne en Theo elkaar in de zestiger jaren ontmoeten. Het zal een ontmoeting zijn waar een mooie toekomst voor hun beiden uit voortkomt. Gonne's en Theo’s leven hebben namelijk eenzelfde achtergrond; een jeugd in hun geliefde Nederlands-Indië, de gedeelde verschrikkingen uit de tweede wereldoorlog in Indië (beide op jonge leeftijd) en de mooie verhalen over  Tempo Doeloe (de mooie oude tijd) van het prachtige Indië van toen. Kortom een mooi cocktail voor een lang en gelukkig huwelijk.

Na ruim 4 uur te gast te zijn geweest bij deze twee bijzonder mensen, gaan wij voldaan naar huis. Alle indrukken, verhalen en interessante achtergronden laten wij nu eerst op ons inwerken, want het is een ontmoeting geweest zoals je niet vaak tegenkomt, dus zullen wij deze middag niet snel vergeten.


Tilly van Coevorden, juni 2022

HIER KOMT FOTO VAN GONNE EN THEO